Home                       Contact       Aanmelden Nieuwsbrief               InnovationHub

  Plus interview            Passionate People           Blikvangers           Video           Columns
   Innovatie
   Mobiliteit
   Nieuwe Economie
   Nieuw Organiseren
Interview met Hester Klein Lankhorst, directeur Kennisinstituut Duurzaam Verpakken (KIDV)

Met onafhankelijke kennis stappen zetten richting circulaire economie


Het Kennisinstituut Duurzaam Verpakken (KIDV) ontwikkelt en deelt kennis die bijdraagt aan een circulaire economie voor verpakkingsmateriaal. Daarin blijven grondstoffen die worden gebruikt om verpakkingen te produceren na de afvalfase in de kringloop. Directeur Hester Klein Lankhorst van het KIDV vindt dat Nederland duidelijke keuzes moet maken die de nieuwe, circulaire economie richting geven. Alleen dan kan ons land zijn koploperspositie op dit vlak behouden.

Wat was jouw persoonlijke uitdaging om als directeur bij het KIDV aan de slag te gaan?

Als je stappen wilt maken, in ons geval op het gebied van duurzaam verpakken, heb je kennis nodig. Daar geloof ik heel erg in. Ik merkte op dit vakgebied dat er veel kennis aanwezig was waar een belang achter zat, terwijl het juist zo belangrijk is om kennis breed te kunnen delen die zo objectief mogelijk is. Dat was de uitdaging waar we voor stonden toen het Kennisinstituut werd opgericht. Wij willen onafhankelijke kennis ontwikkelen waarmee bedrijven en beleidsmakers zelf keuzes kunnen maken over verduurzaming.

Heeft het KIDV met haar werk indirect invloed op wet- en regelgeving?

Zeker. De oprichting van het KIDV volgt uit de Raamovereenkomst Verpakkingen 2013-2022, waardoor wij nauw gelieerd zijn aan het ministerie van Infrastructuur en Milieu. De kennis die wij ontwikkelen en delen, dient als input voor beleid en wetgeving. Het is vervolgens aan het ministerie of zij die input overneemt. In het geval van het gescheiden inzamelen van drankenkartons heeft het kabinet de input van het KIDV volledig overgenomen. In het geval van het verbod op gratis plastic tasjes heeft het ministerie de input van het KIDV gedeeltelijk overgenomen.

De circulaire economie vraagt om nieuwe samenwerkingsverbanden en businessmodellen. Bedrijven zoeken naar marktaandeel voor hun circulaire innovaties. Wat is de rol van het KIDV in dit proces?

Wij leveren de kennis die deze bedrijven nodig hebben om stappen te zetten op weg naar een circulaire economie. Zo publiceren wij factsheets waarin we de kennis over onderwerpen die leven in de markt op een rij zetten. We beantwoorden op onze website vragen van professionals over duurzaam verpakken. We organiseren Verdiepingsbijeenkomsten waar we deelnemers in één middag een kennisimpuls geven over een actueel thema. Goed voorbeeld was de laatste Verdiepingsbijeenkomst over chemisch recyclen, en een Verdiepingsbijeenkomst uit 2016 over minerale oliën in verpakkingen van papier en karton, waarover we later ook een factsheet publiceerden.

Circulaire economie gaat ook om een nieuwe manier van denken en kijken. Van lineair naar ketensluiting. Waardeketens moeten zich dus anders gaan organiseren. Waar liggen de knelpunten?

Als je ketens wilt sluiten, plukken sommige ketenpartijen daar de vruchten van, terwijl andere voor de kosten opdraaien. Als je bijvoorbeeld kijkt naar de kunststofketen, waar het KIDV momenteel een grootschalig onderzoek naar doet, kan chemisch recyclen bijdragen aan een gesloten keten. Deze recyclingtechniek vraagt een investering van recyclers. Ontwerpers profiteren; die kunnen nu ook verpakkingen ontwerpen die de mechanische recycling verstoren, maar bij chemisch recyclen geen problemen veroorzaken.

Wie profiteert en wie betaalt, verschilt per keten. Waar de een er belang bij heeft om de status quo te behouden, heeft de ander er juist belang bij om het businessmodel op de schop te gooien. Daar moet je met elkaar uit zien te komen; samenwerking is hiervoor cruciaal.

Een businessmodel waarin het eigendom niet continu verandert, kan helpen bij het sluiten van de keten. In de palletpool bijvoorbeeld blijft het eigendom in één hand, waardoor de eigenaar verantwoordelijkheid draagt voor de hele keten. Voor alle verschillende kunststoffen is dat moeilijker te realiseren, maar daar kan ook gekeken worden hoe het eigenaarschap na inzameling van het materiaal het beste kan worden ingericht.

Nederland doet het op het gebied van circulaire economie goed. Maar de wereld om ons heen verandert snel. Hoe kan Nederland haar positie behouden en versterken?

Het is van groot belang dat we nu koers kiezen. Nederland moet een stip op de horizon zetten waar we naartoe werken, zoals bij het Energieakkoord uit 2013 is gedaan. De tijd van ‘duizend bloemen bloeien’ is voorbij. De gouden driehoek (overheid – kennisinstellingen – bedrijven) moet kiezen waar de accenten komen te liggen. Gaan we bijvoorbeeld wel of niet investeren in chemisch recyclen? We moeten focussen, anders blijven we te gedifferentieerd bezig en bestaat de kans dat we worden ingehaald door andere landen die staan te popelen om de circulaire economie vorm te geven.

De circulaire economie is ook een fundamenteel sociaal psychologische verandering. Ook zijn er grote verschillen in de wijze waarop Nederlanders duurzaamheid ervaren. Wat is hierin de rol van de consument?

De consument kan een aanjagende rol hebben in de transitie naar een circulaire economie, maar ik verwacht niet dat consumenten de doorslag zullen geven. Het zal voornamelijk een koplopersgroep zijn die zich hard wil maken voor circulair produceren. Ik denk dat consumenten meer algemeen vragen om netter produceren. Circulariteit is daar een onderdeel van, maar het kan goed zijn dat de consument het uitbannen van kinderarbeid belangrijker vindt.
Alleen inzetten op de consument is niet voldoende. De overgang naar een circulaire economie moet naar mijn mening ook uit andere hoeken komen, bijvoorbeeld ondersteunende wet- en regelgeving of techniek en innovatie.

Kunnen we in de toekomst voedselverspilling tegen gaan met slimme verpakkingen uitgerust met sensoren?

Die verpakkingen kunnen zeker een bijdrage leveren, maar er zijn ook andere verpakkingen denkbaar in de strijd tegen voedselverspilling, bijvoorbeeld van materialen die verkleuren bij bederf van het voedsel. Verpakkingen met sensoren kunnen er weliswaar voor zorgen dat je minder voedsel weggooit, wat milieuwinst oplevert, maar ze zijn tegelijk moeilijker te recyclen. Als de milieu-impact aantoonbaar lager is, zal moeten worden besloten hoe erg het dan is dat de verpakking minder goed/niet recyclebaar is.

Verpakkingen in online winkels is een volledig onderontwikkeld gebied als je ziet hoe het verpakt is en wat je weggooit. Zo kreeg ik een usb stick verpakt in een grote doos. Wat zijn hierin de ontwikkelingen?

Bij de grotere webwinkels zie je dat zij steeds meer verpakkingen op maat leveren. Zij hebben daar ook baat bij: minder materiaalgebruik drukt de kosten en heeft minder geïrriteerde klanten tot gevolg. In dit kader heeft de brancheorganisatie Thuiswinkel.org, met kennis van het KIDV, ook de handleiding ‘Duurzaam verpakken voor Nederlandse e-commercebedrijven’ ontwikkeld. Hierin staan praktische tips en inspirerende voorbeelden om webwinkels te stimuleren aan de slag te gaan met hun verpakkingen. Maar voor kleine webwinkels blijft het lastig om zoveel verschillende maten verpakkingen in te kopen. Ik verwacht dan ook niet dat het probleem van te grote verzendverpakkingen helemaal zal verdwijnen. In sommige gevallen is een grote doos overigens noodzakelijk om het verpakte product te beschermen.

Het scheiden of verzamelen van kunststof kost meer dan dat het opbrengt. Daar valt nog een wereld te winnen vergeleken met andere materialen. Biedt chemisch recyclen op termijn meer mogelijkheden om kunststof te transformeren naar waarde?

Dat zou goed kunnen, maar er is nog veel onduidelijk over chemisch recyclen. Zo bestaan er verschillende technieken om chemisch te recyclen. Waar moet je in investeren? En in eerste instantie zullen ook hier de kosten (investeringen) hoger zijn dan de opbrengsten. Tegelijk zien we dat mechanisch recyclen tegen grenzen aan loopt. Met chemisch recyclen kun je meer afgedankte kunststoffen verwerken en kun je output met een betere kwaliteit realiseren.

Wet en regelgeving kan ook worden gebruikt om circulaire doelstellingen te realiseren. Maar innovatieve processen ontwikkelen zich veel sneller dan wet- en regelgeving. Welke problemen ziet u in dit speelveld?

Het begrip ‘afvalstof’, zoals dat is verwoord in Europees beleid, levert problemen op. Als je je ergens van ontdoet, wordt dat al als afvalstof beschouwd. Maar daar wordt aan gewerkt bij de Europese instellingen. Omdat wij een beter beeld willen krijgen van de problemen waar bedrijven tegenaan lopen op het gebied van wet- en regelgeving, gaan wij brancheorganisaties daar actief over bevragen.

De kennis over recycling is op dit moment erg versnipperd, waarom pakken universiteiten dit onvoldoende op?

Kennis over circulariteit gaat over verschillende toepassingsgebieden. Wetenschappers uit economische, sociale en technische hoek moeten samenwerken. Het KIDV zet wetenschappers uit verschillende disciplines al bij elkaar in het wetenschappelijk onderzoeksprogramma dat we samen met het Topinstituut Food & Nutrition hebben opgezet. Zo kunnen we vragen onderzoeken die sectoroverschrijdend zijn.

Daarnaast kijken we hoe design for circularity een vaste plaats kan krijgen in het curriculum van verpakkingsopleidingen. Dit is belangrijk, omdat duurzaamheid al op de tekentafel vorm krijgt. Circulair verpakken begint bij circulair ontwerpen. Het is belangrijk dat ontwerpers al nadenken over hoe de verpakking beter kan worden afgedankt en gerecycled.

Plusbusiness
24 maart 2017



   Duurzaam Dossier
   In Beeld
   Innovatie Modellen





  Plusbusiness.nl
  Over Plusbusiness.nl
  InnovationHub
  Contact
  Redactie
  Uitgever
  Nettiquette
  Disclaimer
  Persberichten
  Vrijwilligers


  Specials
  Leestafel
  Zeven wetten voor
    innovatie

  Bachelor Master Prijs
  Rondetafelgesprek
  Rondvraag


  Tools
  Kaizen
  Milieubarometer
  Ladder van Lansink
  Innovatiestijlquiz


  Infographics
  Kritieke grondstoffen
  Global resources stock
    check

  Human Development
    Index

  Kondratieff-golven
  Toekomstige
    technologische
    ontwikkelingen

  Ellen MacArthur
  Categorieën
  Innovatie
  Mobiliteit
  Nieuwe Economie
  Nieuw Organiseren
  Passionate People
  Blikvangers
  Video
  Duurzaam Dossier
  In Beeld
  Innovatie Modellen
  3d Printing
  Grondstoffen Strategie
  Deeleconomie
  Integrated Reporting
  Upcycling


  Columns
  Strategische Marketing
  Crowdfunding
  Klantgedreven Innoveren
  Partnershappen
  CSR Issues
  De Consumens
  Boeiend?


  Links
  Global Innovation Index
  Sustainable Society Index
  Gemeentelijke
    Duurzaamheids Index

  Plus interview
  Jacques Pijl
  Hester Klein Lankhorst
  Suze van der Meulen
  Roland Amoureus
  Wiebrand Kout
  Ton Van ’t Noordende
  Chris Heutink
  Tom Oostrom
  Ivo de Nooier
  Theo Voskuilen
  Merijn Everaarts
  Stientje van Veldhoven
  Taco Carlier
  Karel Luyben
  Rob van Gijzel
  Jacqueline Cramer
  Bas Ruter
  Femke Groothuis
  Felix Janszen
  Frank van Ooijen
  Herman Hoving
  Ewald Breunesse
  Ton van der Giessen
  Stef Kranendijk
  Max Remerie
  Henk de Bruin
  Hans Kwaad
  Marga Hoek
  André Veneman
  Gerald Schotman
  Marco van Gelder
  Thomas Rau
  Ton van Keken
  Sander Tideman
  Ruud Koornstra

  Volg Plusbusiness.nl


  Afmelden nieuwsbrief

   Facebook

   Twitter

   LinkedIn


  Innovatie Modellen
  Stacey Martix
  Het Ansoff model
  Concurrentiestrategieën
    van Porter

  The Lean Startup methode
  Design Thinking
  Het model van Knoster
  Innovatieradar
  Strategische innovatie
  Zes denkhoeden van De Bono
  Het Belbin model
  Het Nonaka model
  Clusterradar